De kleine madam: Mijn grote liefde en ik

Ik doe mijn oogjes open en gaap een klein gaapje. Wat heb ik een heerlijk slaapje gedaan zeg. Naast mij ligt mijn grote liefde. Of nou ja, naast mij. Ik lig met mijn hoofdje op zijn buikje. Dat is heerlijk wakker worden. Ik kom een beetje overeind en kijk naar mijn lieve Apie.

Mijn oogjes vielen meteen op Apie

Ik heb Apie leren kennen toen ik met oma boodschapjes ging doen. Van oma mocht ik bij de knuffeltjes kijken en mijn oogjes vielen meteen op Apie. Met zijn lange slungelige beentjes en armpjes, zijn bruine zachte vachtje, zijn perfecte staartje en zijn hartje op de juiste plek. Ik was verkocht! Oma probeerde in de winkel nog te polsen of ik Leeuwtje of Girafje ook leuk vond, maar daar had ik helemaal geen zin in. Ik gooide die twee anderen meteen weer van me af. Geef mij Apie maar hoor! Sindsdien zijn we graag samen. In de box, in de kinderwagen en altijd bij het slapen gaan. Dan leg ik mijn hoofdje op Apie en dan gaan we samen lekker slapen.

Maar nu zijn we wakker. Apie en ik kletsen lekker samen en ik doe mijn ochtendgymnastiek. Op knieën en handen wiebel ik lekker heen en weer. Soms beweegt mijn bed er zelfs van. Dat vinden Apie en ik wel grappig. Ik wil Apie net pakken voor een stevige knuffel, wanneer de deur opengaat.

Goedemorgen kleine madam

“Goedemorgen kleine madam. Het is tijd om op te staan en weer uit bed te gaan.” Dat is mama. Ze doet de gordijnen open en er schijnt een klein beetje licht in mijn kamer. Mama knipt een lampje aan. Ze klapt een keer in haar handen en tilt me op. Snel grijp ik Apie nog bij zijn armpje, voordat ik de lucht in ga. Normaal laat ik Apie lekker liggen. Want dan kan hij nog wat uitslapen en zie ik hem later beneden bij het spelen in de box. Maar vandaag is hij al goed wakker en wil ik dat hij met me meegaat.

Met z’n drietjes gaan we voor het raam staan en kijken we naar buiten. Het is nog donker en stil buiten. De speeltuin staat er goed bij, maar er is verder nog niemand te zien. Mama legt mij en Apie op de commode en gaat me verschonen. Ik sabbel op Apie’s staartje en klets wat tegen mama. En mama kletst naar mij. Al babbelend gaan we ons ochtendritueeltje af. Nieuwe luier, pyjamaatje uit, insmeren, nieuwe kleertjes aan, spelen op het grote bed, tandjes poetsen en lekker naar beneden toe. Ondertussen houd ik Apie goed vast. 

Als ik even later samen met Apie in mijn kinderstoeltje zit, kijk ik mama tevreden aan. Ze heeft weer een lekker broodje en theetje voor me gemaakt. Ik wijs ernaar en maak een goedkeurend geluidje. Dat ziet er goed uit. Kom maar door met die hap! Mama geeft me het eerste stukje. Lekker! Aardbeienjam op mijn broodje. Daar houd ik wel van. Ik wijs nog een keer. Kom maar door.

Wat zie ik daar nou in de box liggen?

Al kauwend kijk ik de kamer door. Ik wijs naar boven. Wat is dat mama? “Ja,” zegt mama “Dat zijn de slingers.” Ik wijs opzij. “En dat is de kerstboom,” vertelt mama me. Ineens valt mijn oog op iets in mijn box. Het is bruin en slungelig. Het lijkt wel… Ik kijk naar Apie in mijn armpjes. En dan kijk ik weer naar dat bruine dingetje in de box. Het lijkt wel net alsof Apie daar ook ligt. Ik snap er niks van. Ik wijs ernaar en maak een geluidje naar mama. Misschien snapt mama het. Ze kijkt op en volgt mijn handje. Even denk ik een klein schrikje bij mama te zien, maar dan zegt ze heel rustig. “Dat is de box, schatje.” Dat weet ik ook wel. Ik mopper een klein moppertje. Dat bedoel ik toch niet, mama.

Dan pakt mama mijn tuitbekertje met lekker warme thee en zet het voor me neer. “Ga maar even lekker drinken schatje.” Jammie. Ik lust altijd wel wat te drinken! Ik pak mijn tuitbeker en bekijk het bekertje eens goed. Dan zet ik het aan mijn mondje en neem wat goede slokken. Daarna laat ik het bekertje hard naar beneden kletteren. Ik kijk naar op de grond. Er ligt zelfs een plasje drinken bij dit keer. Ik wijs ernaar. Mama, pak het eens.

Waar is mama nou?

Maar dan kijk ik op en zie ik mama niet meer bij me zitten. Wat is dat nou? Waar is mama nou gebleven? Ik slaak een klein kreetje. Mama, waar ben je nou? Dan komt mama tevoorschijn uit de hal. Gelukkig, ze is er nog! Mama gaat weer bij me zitten en raapt de tuitbeker op. We eten onze broodjes en drinken onze thee. Als mijn broodje op is, wil ik weer een rondje wijzen. De boom, de huisjes, de slingers, de lamp. Oh ja, ineens weet ik het weer. Ik was bezig met dat bruine, slungelige ding in de box. Ik kijk. En ik kijk nog eens. En nog een keer. Maar ik zie het niet meer.

Ach ja, denk ik. Ik zal net wel niet goed gekeken hebben. Er is ook maar één Apie natuurlijk. Ik kijk naar mijn lieve Apie op mijn schootje en geef hem een knuffeltje. Zullen we gaan spelen, Apie?

Liefs, de kleine madam

16 gedachten over “De kleine madam: Mijn grote liefde en ik

  1. Inderdaad haar grote liefde. Waar de kleine madam is is Apie ook.
    Apie mag ook altijd mee logeren bij opa en oma.
    Dat is een super goede aankoop geweest.
    Heel veel plezier nog samen.

  2. Het was liefde op het eerste gezicht tussen de kleine madam en apie.
    Bij de kassa wilde ze apie niet aan de verkoopster geven maar gelukkig had de verkoopster daar begrip voor.

  3. Dat doet mij denken aan mijn nichtje vroeger, die sleepte ook overal een knuffelaap mee naar toe en dan moord en brand gillen als ze hem was vergeten. Inmiddels is nichtje 40 haha…

Een reactie plaatsen