De kleine madam: Lichtje in het donker

Samen gaan we het kamertje binnen. Mama, papa, opa en ik. En ik zie hem. Hij zit op het grote bed. Ik lach. Hem ken ik wel. Dat is mijn opoe. Hij is lief. Er zitten ook veel andere mensen in de kamer. Ik kijk ze allemaal even aan en lach.

Hier ben ik dan! 

Mama had gezegd dat ik extra lief moest zijn. Het gaat niet zo goed met hem en dus komen we een knuffel brengen. Ik word uit mijn buggy gehaald en zweef naar hem toe. Ik mag naast hem op het bed zitten. Wat is het bed groot. Mag ik ook kruipen? Of staan? Ik kijk hem aan. Hij heeft leuke rimpeltjes en lieve ogen. Ik bekijk ze eens goed. En wat heeft hij grote handen. Ik leg mijn handje op de zijne. Ik lach een lief lachje. Hij lacht terug. Ik vind hem lief. Ik kijk om me heen.

Ik snap niet waarom iedereen zo verdrietig is. Het is toch heel gezellig zo?

Ik lach nog een keertje naar hem. En hij lacht terug. Ik zeg iets tegen hem en hij verstaat me niet. Hij zegt iets tegen mij en ik versta hem niet. Maar dat maakt niet uit. Ik snap die grote mensen wel vaker niet.

Hé wat is dat? Ik probeer het te grijpen. Mis! Het is een lang, slangetje en er gaat iets doorheen. Misschien is het wel lekker drinken. Of kan ik ermee spelen? “Nee,” zegt mama, terwijl ze mijn handje vastpakt. “Dat is geen speelgoed. Dat is niet voor jou.” Echt niet? Ik probeer het nog een keer. Grijp. Mama pakt mijn handje weer vast. “Nee, echt niet.”

Ze tilt me op en gaat zelf naast hem zitten op bed. Ik mag op schoot. “Heb je opoe al laten horen welk woordje je kan zeggen?” Ik kijk opoe aan en lach trots.

“Dadoe papapapapa.”

Mama lacht trots. “Ze zegt al papa. Goed hè?,” zegt mama trots. En ik zet mijn tevreden blik op. Ook opoe en omoe lachen trots. Ik ben blij en brabbel nog wat brabbeltjes. 

Ik heb een opoe en een omoe. Dat is heel speciaal, zegt mama. Niet iedereen heeft dat hoor. Het zijn de papa en mama van de papa van mijn mama. Ik snap dat nog niet helemaal. Maar wat ik wel snap is dat ze heel lief zijn voor mij. Ik mag met ze knuffelen, spelen en kletsen. Ze zijn altijd blij als ik langskom. En nu ligt opoe op die kamer. In dat grote bed. Ver weg van ons. Een heel stukje rijden met de auto.

Hij heeft niet lang meer, hoorde ik papa zeggen. Ik vind hem best lang hoor. En heel lief. Handje vasthouden en lachen met hem vind ik gezellig. Omoe heeft soms traantjes, net als mama. Dan kijk ik even naar haar of lach ik extra lief. Omoe lacht dan wel, maar de traantjes blijven in haar ogen. 

Na een tijdje gaan we weer weg bij opoe. We zwaaien. We gaan naar huis. Het is al donker buiten. In de auto houdt papa mama’s hand vast. Opa kletst, maar ik volg hem niet. Ik kijk naar al die mooie lichtjes buiten.

Vandaag was ik zelf een lichtje in het donker, zegt mama.

Ik begrijp het niet helemaal, maar snap wel dat ik het goed heb gedaan. Tevreden sluit ik mijn oogjes.

9 gedachten over “De kleine madam: Lichtje in het donker

  1. Wat fijn om ” even” bij Opoe te kunnen zijn, dat Sterre er ook bij is, maakt het inog meer bijzonder!
    We genieten er zo lang als het duurt, wat we dan ook hebben gedaan.. . .
    Afgelopen vrijdag hebben we afscheid van onze lieve Opa en Opoe Ronnie . . .
    Het was een mooi afscheid; Lieke heeft een video filmpje v. h. afscheid gemaakt en hopen
    het vaak terug te kunnen zien. Vaarwel lieve schat . . .

Een reactie plaatsen