Zin in mijn flesje

Ik lig op mijn buik in de box. Samen met meneer Vos. Dat is mijn nieuwe vriendje. Meneer Vos heeft wieltjes en kan rijden. Normale Vosjes hebben geen wieltjes volgens mama. Maar dat maakt mij niet uit hoor. Meneer Vos is lief. Ik rijd meneer Vos heen en weer in mijn box. Ik kijk heel serieus naar meneer Vos. Wat doet hij dat goed.

Mama staat in de keuken. Dat zag ik net wel, maar daar heb ik geen tijd voor. Meneer Vos is leuker. Ik pak hem vast. En ik breng hem naar mijn mond. Even goed bijten. Hap! Dat voelt anders. Anders dan mijn bijtring of mevrouw de Bij. Ik bijt nog een keer.

En dan ineens… hoor ik het.

“Tuut, tuut, tuut!” zegt de magnetron. Meneer Vos valt uit mijn mondje en handjes. Ik draai mijn hoofd om en kijk naar mama. Is dat? Zou het echt? Ik draai nog een beetje bij om het beter te zien. Ja, volgens mij is het echt zo. Mama haalt het uit de magnetron. Ik kruip dichterbij en pak de spijlen van de box vast. “Huh!” roep ik naar mama.

Mama doet de poeder erin en roert erin. Oh, ik heb ineens enorme trek! Ik doe mijn mondje alvast open. Ik kan het al bijna proeven. Schiet eens op mama! Ik wil nog dichterbij komen, maar mijn hoofd past niet tussen de spijlen door. Wat doet mama er lang over. Ik mopper wat en geef haar mijn zieligste blik.

“Ja, ja, ik kom er aan,” zegt mama. “Nog even een slabbetje pakken hoor.”

Wat doet ze nou? Ze loopt niet naar mij toe, maar een andere kant op. Ik kijk haar vol ongeloof na. Daar gaat mijn fles! Ik laat een wanhopige zucht. Ik vertel mama in mijn eigen taaltje dat ik heel erg trek heb. Mama komt terug. Ze zet het flesje en het slabbetje op het tafeltje naast de stoel. Ik volg elke beweging die ze maakt. Én die van mijn flesje natuurlijk.

“Je hoeft niet zo ongeduldig te zijn hoor,” zegt mama, terwijl ze naar mijn box loopt. “Kom maar bij mama. Dan gaan we een flesje doen!” Ze klapt in haar handen. Ik strek mijn armpjes naar haar uit en geef haar een grote glimlach. Eindelijk. Mama tilt me op en gaat samen met me op de stoel zitten. Ze doet mijn slabbetje om en ik doe alvast mijn mondje open. Kom maar op met die fles.

En dan – eindelijk – mag ik drinken. Heeeeerlijk.

 

Liefs, 

de kleine madam

2 gedachten over “Zin in mijn flesje

Een reactie plaatsen