Baby & voeding: Vanaf 8 maanden tot 12 maanden – Van melkvoeding naar mee-eten met de pot

Cynthia: Onze kleine madam groeit als kool. En ze is alweer de zeven maanden voorbij. Dus tijd om me langzaam te verdiepen in de volgende fase van haar eetpatroon. Eerder behandelden we al de voedingsadviezen voor een baby van 4 tot 6 maanden en voor een baby van 6 tot 8 maanden op mijn WikiCynthia pagina’s. Nu is het dus tijd voor maand 8 tot en met 12. 

Zoals je van me gewend bent, heb ik de informatie van de website van het Voedingscentrum Nederland verzameld. Ik vind de informatie van Voedingscentrum Nederland namelijk interessant, maar ik vind de website zo onoverzichtelijk. Voor onderstaande informatie heb ik maar liefst acht pagina’s moeten doorscrollen op zoek naar relevante informatie voor mijn ukkie. Veel informatie staat daar door elkaar heen. En ik vind het prettig om overzicht te hebben. Ik zit nu in deze fase met mijn baby. En dan wil ik alles gewoon op één pagina terug kunnen vinden. Handig voor mezelf. En misschien ook wel voor jou.

Het Voedingscentrum geeft adviezen. En ik heb zelf al gemerkt dat ik – net als bij het consultatiebureau – de informatie als een leidraad moet gebruiken. Maar uiteindelijk blijft het luisteren naar mijn dochter en naar mijn eigen gevoel. Het is zoeken naar wat voor haar werkt. Tot nu toe durf ik te zeggen dat het ons goed af gaat. De kleine madam eet graag. Zowel fruit, boterhammen als groente. Het is een lieve, leuke lekkerbek. 

Ik kan me nu nog niet goed voorstellen dat de kleine madam straks al echt met de pot mee eet. Ik maak vaak nog aparte hapjes voor haar. Dat geeft al aan hoe snel het gaat. Onze kleine madam wordt groot… 🙂 “

Vanaf 8 maanden vervang je stapje voor stapje de borst- of flesvoeding voor echte maaltijden, zodat je kindje rond zijn eerste verjaardag met de pot mee eet. 

In welk tempo?

Geleidelijk ga je de borst- of flesvoeding vervangen voor vaste voeding. Een goede vuistregel: Er is zeker een week voor nodig om een maaltijd stap voor stap zo groot te maken dat 1 van de melkvoedingen weggelaten kan worden. Laat je kind eerst even wennen aan de nieuwe situatie voor je een volgende melkvoeding vervangt. Let er wel op dat je je kind nog 2 á 3 melkvoedingen per dag blijft geven. Dat kan borst- of flesvoeding zijn.

Wennen aan vaste voeding gaat in het tempo van jouw kind. Vergelijk je kind dan ook niet met andere kinderen. En vertrouw op jezelf en je kind. Heb je twijfels? Bijvoorbeeld omdat je kind echt niets wil eten of omdat hij klachten heeft na het eten, zoals overgeven of diarree? Bespreek het op het consultatiebureau. 

Opbouwen

Hoe ga je van oefenhapjes naar mee-eten met de pot? Hieronder zie je een voorbeeld van een opbouwschema. Het geeft een idee hoe het kan gaan, maar niet ieder kind is hetzelfde. Sommige kinderen zullen al eerder wat meer op kunnen, bij andere kinderen zal het wat langzamer gaan. Bij kinderen die wat later beginnen met oefenhapjes kan het schema wat opschuiven. Ook het aantal melkvoedingen is een voorbeeld.

 Leeftijd  Melkvoeding (fles- of borstvoedingen) Maaltijden Groente of fruit tussendoortjes
 8 maanden  4-6 voedingen  1 hoofmaaltijd (brood of pap) 1 a 2 porties (van 50 gram)
 9 maanden  3 voedingen 2 hoofdmaaltijden (brood + warm)  1 a 2 porties (van 50 gram)
 10 maanden  3 voedingen  2 hoofdmaaltijden (brood + warm)  1 a 2 porties (van 50 gram)
 11 maanden  2 voedingen  3 hoofdmaaltijden (2x brood + 1x warm)  1 a 2 porties (van 50 gram)
 12 maanden  2 voedingen (een bekertje gewone melk mag vanaf nu ook)  3 hoofdmaaltijden (2x brood + 1x warm)  1 a 2 porties (van 50 gram)

Let op voldoende vet

Jonge kinderen krijgen vaak iets te weinig vetten binnen. Daarom adviseren we om altijd wat margarine uit een kuipje op brood te smeren. Daarin zitten de goede onverzadigde vetten. Goed vet zit verder ook in bak- en braadvet uit een knijpfles en in olie, zoals olijfolie en zonnebloemolie. Een warm hapje maak je extra lekker met een theelepeltje of klontje van de goede vetten.

Kruiden

Een kind mag gekruid eten, ook een baby. Het is niet slecht voor zijn gezondheid. Bouw het wel langzaam op en begin met de mildere kruiden en specerijen. Bijvoorbeeld basilicum, oregano, marjolein, dille, bieslook, bonenkruid, kaneel, nootmuskaat, peterselie en selderij.
Pas in het begin op met de wat pittigere kruiden zoals kerrie, paprikapoeder en peper. Als de mildere kruiden goed gaan, kun je de pittigere kruiden gaan proberen.

Brood

Volkorenbrood en bruinbrood zijn de gezondste keuzes. Daarin zitten namelijk lekker veel vezels. Vezels zijn nodig voor een goede darmwerking en spijsvertering. In volkorenbrood zitten de meeste vezels. 

Je kunt brood afwisselen met een keer havermout, muesli en andere volkoren ontbijtgranen zonder toegevoegd suiker en zout.  

Broodbeleg

Goede keuzes qua broodbeleg zijn:

  • Margarine. Het liefst op elke boterham. Zie ook het kopje ‘Let op voldoende vet’.
  • Hartig mager beleg (zoals ei en hüttenkäse)
  • Notenpasta met 100% noten
  • Pindakaas met 100% pinda’s
  • Vis
  • Groente en fruit, zoals tomaat, komkommer, paprika, avocado, banaan, appel en aardbei  

Goede keuzes – maar maximaal één keer per dag – zijn: 

  • Vegetarische smeerworst
  • Onbewerkte vleeswaren (zoals kipfilet, magere knakworst of een plakje ham)
  • Salades op brood (zoals komkommersalade of farmersalade)
  • Appelstroop
  • Jam

Geen goede keuzes zijn: 

  • Honing. Geef dat pas na de eerste verjaardag van je kind. Honing kan namelijk besmet zijn met een bacterie waar kinderen tot 1 jaar erg ziek van kunnen worden. 
  • Bewerkt vlees, zoals boterhamworst, gekookte ham, ontbijtspek en snijworst. Dit kun je beter niet aan jonge kinderen geven, omdat het vaak veel zout bevat.
  • Geef liever geen vlees waar veel vitamine A in zit, zoals (smeer)leverworst of paté. Te veel vitamine A kan schadelijk zijn voor jonge kinderen.
  • Geef geen rauw vlees, zoals filet americain, rosbief of sommige soorten worst, zoals ossenworst en carpaccio. Hier kunnen schadelijke bacteriën op zitten en jonge kinderen zijn gevoeliger voor een voedselinfectie.
  • Smeerkaas en gewone kaas. Dit bevat veel verzadigd vet en zout. De nieren van jonge kinderen kunnen nog niet veel zout aan.
  • Rauwe schaal- en schelpdieren. Rauwe of voorverpakte gerookte vis zoals gerookte zalm. Hierin kunnen ziekmakende bacteriën zitten. Jonge kinderen zijn daar extra gevoelig voor. 

 

 

Nog geen gewone melk aanbieden

Met gewone melk geven kun je beter nog even wachten tot je kind 1 jaar oud is. Borstvoeding en flesvoeding is beter afgestemd op de behoefte van een baby. Het bevat meer ijzer en goede vetten en minder eiwitten dan gewone melk. Een beetje gewone melk is niet schadelijk voor een baby, hij kan het gewoon verteren. Maar als hij te veel gewone melk drinkt, krijgt hij te weinig ijzer binnen. Dat kan leiden tot een tekort. Te veel eiwit kan bovendien schadelijk zijn voor de nieren van een baby.

Drinken uit een beker

Water en thee kun je het beste in een beker geven. Een zuigfles of tuitbeker knoeit een stuk minder, maar met een normale kinderbeker traint je kind zijn mondspieren die hij nodig heeft om te kunnen kauwen en praten. Ook drinken kinderen een normale beker sneller leeg, waardoor je je kind leert om drinkmomenten te hebben. Als je kind opvolgmelk krijgt, kun je dat het beste in een beker geven. Aanvullend op de melkvoeding zijn kraanwater of lichte thee zonder suiker goede opties: ze bevatten geen calorieën en zijn niet slecht voor de tanden. Het maakt niet uit als je kind niet veel uit de beker drinkt. Dat betekent gewoon dat hij geen dorst heeft. 

Dring geen eten op

Je kindje mag bepalen hoeveel hij eet. Als jij je kindje eten opdringt, eet hij namelijk misschien te veel. Als hij vaak te veel eet kan dat leiden tot overgewicht. Bovendien leert je kind af om te luisteren naar zijn gevoel van vol zitten als je het eten opdringt. Ook dat kan op den duur leiden tot overgewicht. Straf je kind dan ook niet als hij zijn gezonde eten niet opeet. Straf kan er bovendien voor zorgen dat je kindje een negatief gevoel koppelt aan gezond eten. Oftewel: het bordje hoeft niet leeg.

Maak je geen zorgen als je kind een keer of een poosje wat slechter eet. Blijf gewoon proberen. En bedenk dat een kind dat groeit en levendig is, genoeg binnen krijgt. Ben je er toch niet gerust op, bespreek je zorgen dan op het consultatiebureau.

Geef het goede voorbeeld

Je kind kijkt naar wat jij eet en wanneer jij eet. En wil dat na-apen. Neem je bijvoorbeeld regelmatig fruit en tomaatjes tussendoor, dan wil je kind dat ook. Maar ook ongezond gedrag zal hij willen na-apen: als je bijvoorbeeld zelf de hele dag door eet, zal je kindje dat straks ook willen. Hij ziet jou eten, dus waarom mag hij dat niet? Laat zien dat je gezond eten belangrijk vindt, dan wordt dat gewoon voor je kind. Gezonde eetgewoonten van het kind beginnen bij een gezond voorbeeld.

Bronnen:

  • Voedingscentrum Nederland: http://www.voedingscentrum.nl (23-7-2017)

 

Een reactie plaatsen